Wat is ondersteuning voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften?

Om leerlingen met een beperking of leer- en opvoedingsmoeilijkheden de kans te geven om les te volgen in een gewone school, wordt voor alle leerlingen een specifiek zorgbeleid uitgewerkt.

De aangepaste zorg bestaat uit 3 fasen:

  • basiszorg

  • verhoogde zorg

  • uitbreiding van zorg

Als de basiszorg en verhoogde zorg niet volstaan, kan een school extra ondersteuning bieden door samen te werken met een school voor buitengewoon onderwijs.

Voorwaarden

Er zijn twee mogelijkheden

Gewone leerprogramma

Als een leerling het gewone leerprogramma kan volgen, met wat extra ondersteuning, is een gemotiveerd verslag nodig. In dit verslag staat een omschrijving van de specifieke behoeften en de nodige begeleiding.

Individueel aangepast leerprogramma

Als het gewone leerprogramma niet mogelijk is, kan een individueel aangepast leerprogramma opgesteld worden. De specifieke onderwijsbehoeften van de leerling en de afspraken over de nodige begeleiding worden dan opgenomen in een verslag voor toegang tot een individueel aangepast curriculum (IAC) in het gewoon onderwijs of voor toegang tot het buitengewoon onderwijs.

Procedure

Voor de leerling met extra ondersteuningsnood wordt een gemotiveerd verslag of een verslag voor het buitengewoon onderwijs opgesteld. Daarin staat steeds vermeld vanuit welk type de ondersteuning nodig geacht wordt:

  • Type basisaanbod: voor kinderen met specifieke onderwijsbehoeften voor wie het gemeenschappelijk curriculum met redelijke aanpassingen niet haalbaar is in een school voor gewoon onderwijs.
  • Type 2: voor kinderen met een verstandelijke beperking
  • Type 3: voor kinderen met een emotionele of gedragsstoornis, maar zonder verstandelijke beperking
  • Type 4: voor kinderen met een motorische beperking
  • Type 6: voor kinderen met een visuele beperking
  • Type 7: voor kinderen met een auditieve beperking of een spraak- of taalstoornis
  • Type 9: voor kinderen met een autismespectrumstoornis, maar zonder verstandelijke beperking

De school bepaalt dan samen met de ouders, het CLB en een school voor buitengewoon onderwijs de ondersteuning op maat, op basis van de vastegestelde noden in het (gemotiveerd) verslag.

Ondersteuning is flexibel en op maat

Het ondersteuningsmodel vervangt sinds schooljaar 2017-2018 de vroegere begeleiding geïntegreerd onderwijs (GON) en inclusief onderwijs (ION). Je kind krijgt niet meer standaard een vast aantal uren begeleiding per week gedurende een bepaalde periode, zoals in GON en ION. De school voor gewoon onderwijs bepaalt samen met jou, met het CLB en met een school voor buitengewoon onderwijs de ondersteuning op maat, op basis van de noden.

De ondersteuning moet altijd voelbaar zijn in de klas, maar kan verschillende vormen aannemen:

  • Voor je kind zelf
  • Voor de leerkracht(en)
  • Voor het schoolteam

Ondersteuning kan meer flexibel worden ingezet, en kan ook in de loop van een schooljaar opgestart of afgesloten worden.

Waar kan ik terecht met vragen?

Dan kan je met vragen over de ondersteuning terecht bij de school van je kind, bij het begeleidende CLB of bij de begeleidende school voor buitengewoon onderwijs.

Je kan met vragen over de ondersteuning terecht bij je school of bij het begeleidende CLB. Jij kan ook nadien, samen met je gewone school en je CLB bij het ondersteuningsnetwerk terecht, zowel met algemene als met specifieke vragen over de ondersteuning in de school van je kind.

Dan kan je terecht bij de school van je kind en bij je CLB. Samen met jou onderzoeken de school en het CLB of een handelingsgericht diagnostisch traject wenselijk is. Dat traject kan leiden tot een gemotiveerd verslag of een verslag.

Bronnen: